Makkum, IJsselmeer

 

Back




In de middeleeuwen had Makkum de naam "Poort naar de Zuiderzee". Dit had Makkum te danken aan twee sluizen, die eigendom waren van een nabijgelegen klooster. Makkum kon zich zo ontwikkelen tot een belangrijk handelscentrum met een strategische positie.
De Gouden Eeuw van Makkum startte in de 17e eeuw en duurde tot de 18e eeuw. Makkum was een belangrijk bedrijvigheids- en handelscentrum, inclusief steenbakkerijen, tegelbakkerijen, hout, olie, papier en pelmolens, scheepswerven en schelpkalkovens. De schelpkalkbranderijen waren de belangrijkste pijlers voor de welvaart van Makkum. Veel mensen waren hier werkzaam.
Deze metselkalk van hoge kwaliteit werd onder andere gebruikt bij de bouw van huizen in Amsterdam. Het transport van het basismateriaal en de eindproducten gebeurde per schip en als gevolg daarvan floreerde de scheepvaart en de scheepsbouw.
De 19e eeuw bracht een terugval als gevolg van het verzanden van de Zuiderzee waardoor de haven van Makkum niet meer bereikt kon worden. De bedrijvigheid liep terug en alleen de scheepsbouw en wat aardewerkfabrieken bleven over.
In Makkum zijn nog de getuigen van de rijke historie. Vooral bij de sluis bevinden zich monumentale koopmanshuizen. Noemenswaardig zijn het voormalig waaggebouw en de aardewerkfabriek Koninklijke Tichelaar Makkum.

Makkum, sluis

Makkum, sluis